Dit blog...

Welkom op de website van Dini Commandeur. Als columniste heeft Dini een flink aantal columns voor verschillende bladen geschreven. Daarnaast schrijft Dini af en toe korte verhalen. Deze columns en verhalen zijn op deze website beschikbaar voor iedereen. Periodiek worden hier ook de nieuwste columns en verhalen gepubliceerd.

Archieven

01 Jan - 31 Dec 2021
01 Jan - 31 Dec 2020
01 Jan - 31 Dec 2019
01 Jan - 31 Dec 2018
01 Jan - 31 Dec 2017
01 Jan - 31 Dec 2016
01 Jan - 31 Dec 2015
01 Jan - 31 Dec 2014
01 Jan - 31 Dec 2013
01 Jan - 31 Dec 2012
01 Jan - 31 Dec 2011
01 Jan - 31 Dec 2010
01 Jan - 31 Dec 2009
01 Jan - 31 Dec 2008
01 Jan - 31 Dec 2007
01 Jan - 31 Dec 2006
01 Jan - 31 Dec 2005
01 Jan - 31 Dec 2004
01 Jan - 31 Dec 2003
01 Jan - 31 Dec 2002
01 Jan - 31 Dec 2001
01 Jan - 31 Dec 2000
01 Jan - 31 Dec 1999
01 Jan - 31 Dec 1998
01 Jan - 31 Dec 1997
01 Jan - 31 Dec 1996
01 Jan - 31 Dec 1995
01 Jan - 31 Dec 1994
01 Jan - 31 Dec 1993
01 Jan - 31 Dec 1991
01 Jan - 31 Dec 1990
01 Jan - 31 Dec 00

E-mail

Mail

Links

dini's site in english
dini's site in dutch
Veel meer columns
en nog meer columns
Leeskring
B9-Literatuur
Schrijverspunt

Zoek!

Overig

Powered by Pivot - 1.40.7: 'Dreadwind' 
XML: RSS Feed 

« De minibieb | Home |

Moeilijke mensen

Maandag 22 Februari 2021 Tijdens mijn wandelingen in een natuurgebied kwam ik weleens een meneer met een hond tegen. Die meneer keek doorgaans nors.  Zijn hond, daarentegen, was een blije hond. Geïnteresseerd in andere wandelaars, en vooral in andere honden. Maar ik heb nooit gezien dat die hond mocht kennismaken met zijn soortgenoten.En samen even spelen was helemáál niet aan de orde. Zijn baasje trok hem snel mee, zonder een woord, zonder een groet naar andere hondenbaasjes. In tegenstelling tot zijn hond had hij blijkbaar geen enkele behoefte aan contact.

Onlangs las ik het boek ‘Zo ben ik nu eenmaal’ van Willem van der Does. Een aanrader, dit boek. Willem van der Does is hoogleraar klinische psychologie aan de Universiteit Leiden. In dit boek schrijft hij over lastige mensen, dwarsliggers, maar ook over stille, verlegen mensen.  En ook over mensen met ernstige persoonlijkheidsstoornissen zoals borderliners, narcisten, psychopaten. Ze  zijn onder ons, deze mensen. Iedereen kent wel iemand zoals die in het boek van Willem van der Does wordt beschreven. Maar eerlijk is eerlijk: we hebben allemaal wel lastige trekjes. De een wat meer dan de ander. En bij de een komt dat vaker naar buiten dan bij de ander, maar toch. In ‘Zo ben ik nu eenmaal’ staan niet alleen beschrijvingen van moeilijke mensen, maar ook hoe met hen om te gaan. Want wij kunnen geen enkel mens veranderen. Verandering van gedrag moet een mens zelf bewerkstelligen. Maar je kunt wél jezelf leren om, wat moeilijke mensen betreft, met je eigen gevoel om te gaan. Trouwens, wat is een moeilijk mens? Misschien vindt de ene persoon iemand moeilijk in de omgang, en heeft een ander persoon geen enkel probleem met die ‘lastige’ man of vrouw.


Maar je zult maar een leuke baan hebben, en een moeilijke baas.  Zo iemand die totaal niet met zijn personeel weet om te gaan. Die alleen maar eist, niet stimuleert, en het belang van een compliment echt niet snapt. En die door zijn eigenzinnig en onbehouwen gedrag beslist niet het beste uit zijn werknemers naar boven haalt. Het belang van arbeidsvreugde kent zo iemand blijkbaar ook niet. Terwijl het voor werknemers zo belangrijk is om met plezier naar het werk te gaan. Een goede sfeer op de werkvloer zorgt voor meer productiviteit. Maar je zou ze de kost moeten geven, de werknemers die dankzij hun baas overspannen raken. Waardoor er meer werk op andere schouders terechtkomt, wat weer ten koste kan gaan van de productiviteit.


In het boek ‘Zo ben ik nu eenmaal’ staan ook nuttige tips van coach Ineke Booij voor het omgaan met lastig gedrag. Het gaat dan tevens om eigen emoties. Stel, u heeft een gesprek met een moeilijk persoon, en hij of zij maakt het u erg lastig. Dan kunnen deze vragen wellicht helpen:  Vraag 1.‘Wat voel ik?’ 2. ‘Zegt dat iets over die ander, of over mij?’ 3.‘Moet ik er wat mee?’ 4. ‘Zo ja, wat?’
Dit zijn naar mijn mening vragen die goed in de praktijk te brengen zijn. Vooral vraag 3 kan veel ergernis en gedoe voorkomen als het antwoord daarop ‘nee’ is. En dat weet ik uit eigen ervaring.


Om nu nog even op die norse man met zijn hond terug te komen. De man maakte op mij geen positieve indruk. Vooral omdat het zo zielig was dat die hond niet mocht spelen. Maar dat zijn mijn zaken niet, en wat ik voel doet er eigenlijk niets toe. En daarom hoef ik ook niets te doen met dat gevoel. Klaar.  Gisteren kwam ik echter tijdens een wandeling een vriendelijke mevrouw tegen met een soortgelijke hond. We raakten in gesprek en ze vertelde dat de hond heupdysplasie heeft en geen onverwachte draaibewegingen mag maken. “En daarom,” zei ze, “kan hij nooit eens lekker dollen met andere honden.” Het zou natuurlijk kunnen zijn dat de hond van de nors kijkende man hetzelfde heupprobleem heeft en dat hij daarom bij andere  honden wordt weggehouden. Zielig, maar pijn is erger.
En wat zijn eigenaar betreft: de man zal wel een reden hebben om zo nors te kijken. Als men geen behoefte aan contact met mede-wandelaars heeft, is een boze uitstraling wellicht een uitstekend middel om anderen op afstand te houden. En dat is zijn goed recht.  Maar misschien is er trouwens helemaal geen reden voor zijn norsheid, misschien is hij nu eenmaal zo.


 

Design and implementation by Focusys